Poolse tranen (2013)  

Een rijke, ontroerende roman over verlies, warmte en daadkracht. Als de kleine Tanek in het vooroorlogse Polen vriendschap sluit met zijn buurjongen, weet hij niet welk wreed lot hen later zal verbinden. Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog voegt hij zich als arts bij de Eerste Poolse Pantserdivisie. Een bloedige strijd brengt hem uiteindelijk in Nederland.Over zijn trauma's,zijn liefdes én de geheimen van zijn verleden praat hij zelden.Pas als zijn jonge beschermeling het slachtoffer van een crimineel wordt en hij – inmiddels hoogbejaard - tot actie overgaat, volgt er een kettingreactie waarbij zijn schrijnende geschiedenis zich langzaam openbaart.


  De portiekvrijer (2004)  

Een vrouw keert als een hondsdagenvlieg terug naar de aarde om daar samen met haar voorvader - de historische schandaaljager Jacob Campo Weyerman - een hedendaags roddeljournalist van de ondergang te redden. Miriam Guensberg speelt op superieure wijze met vorm en stijlfiguren en het resultaat is een overtuigende hedendaagse fabel. (Haarlemmer Courant). Guensberg maakt dermate dwingend aannemelijk dat twee insecten werkelijk een missie vervullen in het leven van hun familielid dat je na lezing van deze roman geen familielid meer kunt ontwaren zonder er een betekenis aan toe te kennen. NRC/Handelsblad


  Saternacht (2001)  

In Saternacht doet een moeder een wanhopige poging het bestaan te ordenen als het te laat is, ze vertelt aan haar gestorven, geestelijk gehandicapte kind dat nooit heeft kunnen spreken, alsnog haar verhaal. Het Parool schreef: ‘Niet bezweken onder overmatige thematiek! Een superieure balans.’ Dagblad de Limburger: ‘Deze paradoxale roman kent de gelaagdheid van alle grote kunst. Zonder twijfel een meesterwerkje. Saternacht werd genomineerd voor de Longlist van de Libris Literatuurprijs 2002


  De vergulde pil (1999)  
Een bundel ziekenhuisvertellingen geproduceerd door Uitgeverij L.J.Veen voor Orthomed.

  De Muze van het Moortgat (1998)  

De hoofdpersoon van deze roman ontsluiert een geschiedenis van misbruik en verraad. Valt onrecht te wreken? Die vraag vormt het sluitstuk van een meerstemmige zoektocht. ‘Net als in haar vorige boeken (...) kent zij kunst, religie en filosofie een troostende rol toe. ‘Miriam Guensberg schreef al drie eerdere romans, waaronder Foto Jozef,’ over de tweede-generatie-problematiek, aldus het NIW, ‘haar stijl is altijd subtiel en poëtisch, maar De Muze van Moortgat springt eruit als haar spannendste boek.

Deze roman stond op de Longlist van de Libris Literatuurprijs 1999.


  De luchtfietser (1994)  

De hoofdpersoon van deze roman raakt zo geïntrigeerd door de geschiedenis van twee oude mannen in een verpleegtehuis dat ze zich meer en meer vereenzelvigt met hun bizarre levensverhaal dat zich voegt in Giotto’s allegorie van deugd en ondeugd.

‘Een fijnzinnig liefdesverhaal,’ stond er in De Morgen.


  De Herauten vieren feest (1992)  

Dit kleine boek is een requiem van innerlijke dialogen: het onvermogen en de wensdroom van een vrouw om dicht bij een ander te zijn verzoenen zich in een laatste onherroepelijke daad. ‘In de geserreerde stijl,’ schreef Alle Lansu in Het Parool, ‘schuilt de kracht van dit kleine boek. Het bevat vele ontroerende passages, bij momenten is het zo scherp en pijnvol dat het je door je ziel snijdt.’

De Stichting Amsterdams Fonds voor de Kunst gaf voor dit boek een stimuleringsprijs.


  Foto Jozef (1989)  

De ik-figuur uit deze roman, het twaalfjarig meisje Esther, vertelt vanuit een wisselend leeftijdsperspectief over haar jeugd die gedomineerd werd door haar aan drank en Baudelaire verslaafde, Pools Joodse moeder, een vrouw met een verleden dat voor Esther altijd schimmig en ondoorgrondelijk zal blijven.
 
‘Zo af is Foto Jozef,’ schreef Jessica Durlacher in de Volkskrant.
‘Een debuut om jaloers op te zijn,’ werd er in Surplus geschreven.